Boudewijn Chabot (psychiater en onderzoeker) verwijt op 4 januari 2011 in NRC Handelsblad dat de NVVE haar leden aan het lijntje houdt met proefballonnetjes. Dat is bijvoorbeeld het geval met het burgerinitiatief ‘Uit Vrije Wil’. In februari zal als gevolg van het initiatief een wetsvoorstel gepubliceerd worden. Het voorstel maakt echter weinig kans vanwege leeftijdsdiscriminatie en bovendien ontbreekt hiervoor in het parlement elke steun. Opmerkelijk zijn ook de volgende verwijten: medewerkers van de NVVE mogen geen informatie verstrekken over digitale medicijnroutes. Dit, meent Chabot, uit angst voor (juridische) incidenten. Counselors van Stichting de Einder verstrekken dit soort informatie wel. Informatie verstrekken mag namelijk (is binnen de grenzen van de wet). Het afgeschermde deel van de website van de NVVE, waar leden informatie kunnen vinden over dodelijke combinaties van medicijnen noemt Chabot onvolledig en op sommige punten onjuist.
Chabot is schrijver van ‘Uitweg’, het eerste en enige boek dat concrete informatie verschaft over een zelfgekozen, weloverwogen en humaan levenseinde.
De Einder, Chabot, NVVE
In een artikel in de NRC van 4 januari liet Boudewijn Chabot weten, uit onvrede met het beleid van de NVVE, zijn lidmaatschap van de vereniging op te zeggen.
Het is voor de Einder en samenwerkende counselors weinig zinvol een voorkeur voor de verschillende visies of meningen van de een of de ander uit te spreken. Wel is het volgende voor bestuur en counselors van grote betekenis, én daarmee voor onze cliënten van groot belang:
Ons werk is gebaseerd op de erkenning van zelfbeschikking, onlangs als volgt omschreven: “het zelf verkrijgen en/of behouden van de zeggenschap en regie bij het op zorgvuldige wijze voorbereiden, besluiten en bewerken van het eigen levenseinde”. Aan deze zelfbeschikking worden door de harde werkelijkheid al voldoende beperkingen gesteld en zij is voor bestuur en counselors niet verder onderhandelbaar. Gegeven het grote belang voor cliënten (en hun naasten) mag er daarnaast over een aantal punten geen misverstand bestaan:
De informatie die door de counselor of hulpverlener aan zijn of haar cliënt wordt verstrekt, moet de beste informatie zijn die naar de huidige stand van de medische kennis beschikbaar is. Aan het continue proces van verbetering van die informatie, mogen overwegingen van eigenbelang van consulent, hulpverlener of organisatie nooit in de weg staan.
Die informatie moet verder verstrekt worden zonder voorkeur, oordeel laat staan vooroordeel, van de kant van de informerende counselor of hulpverlener. De keuze voor een stervensweg (voor nu of later) moet geheel door de cliënt gemaakt worden en niet beïnvloed worden door gekleurde informatie die de cliënt in een bepaalde richting stuurt. Niet voor niets omschrijft de brochure van De Einder “Een waardig levenseinde onder eigen regie” de begeleiding door de counselor als “non-directieve counseling”, niet gericht op een bepaalde keuze van de cliënt, maar op de kwaliteit van die keuze.
Het belang dat hierbij vooropstaat is allereerst dat van de cliënt, diens eventuele ondersteunende naasten en intimi, niet van de hulpverlener of counselor, laat staan van de faciliterende organisatie.
Bestuur en samenwerkende counselors,
januari 2011